Inzicht in stikstof

Hoeveel stikstof is er in en rond het Liefstinghsbroek? Om daar meer inzicht in te krijgen, doen vijf partijen metingen in het gebied: het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu), UvA (Universiteit van Amsterdam), WUR (Wageningen University & Research)/ WLR, TNO (Nederlandse Organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek) en OnePlanet Research Center. Zij onderzoeken ook waar die stikstof vandaan komt en waar het neerkomt. Met de resultaten bepalen we hoe we de situatie in het Liefstinghsbroek kunnen verbeteren.

Meten voor de juiste aanpak 

We willen de invloed van stikstof op het Liefstinghsbroek graag verminderen. Er is al veel over stikstof bekend. Maar: de omstandigheden zijn in en rond ieder Natura 2000-gebied weer anders. Het Liefstinghsbroek is extra ingewikkeld: het is een klein gebied met drie verschillende natuurtypes die bovendien van elkaar verschillen in kwetsbaarheid. Door de metingen van de onderzoekers komen we meer te weten over stikstof in en rond het Liefstinghsbroek. Zo kunnen we een gerichte aanpak voor dit gebied maken. 

Wat hebben we gedaan? 

In de pilot Maatwerk met meetwerk is in 2023 en 2024 in het gebied stikstof in kaart gebracht. De onderzoekers hebben gemeten hoeveel stikstof er wordt uitgestoten (emissie), hoeveel stikstof er in de lucht aanwezig is (concentratie) en hoeveel stikstof er neerkomt (depositie). 

Er zijn meetmethodes gebruikt die bewezen effectief zijn, bijvoorbeeld met meetbuisjes. Maar er zijn ook experimentele methoden ingezet, bijvoorbeeld met sensoren en bio-indicatoren. De onderzoekers hebben metingen gedaan op verschillende plekken in het Liefstinghsbroek, onder meer rond het loofbos (het oudste bos van Groningen), langs een autoweg en bij agrarische bedrijven. 

In deze animatie wordt uitgelegd hoe deze methodes werken.

Hiermee is kwalitatief onderzoek gedaan. Ieder halfjaar is een meetrapport gemaakt. De resultaten van de verschillende meetmethodes geven samen een uitgebreid beeld van de stikstofsituatie in en rond het Liefstinghsbroek.  

Wat gaat er gebeuren? 

Omdat het onderzoek waardevolle informatie oplevert, gaat het meten ook in 2026 verder. Dat doen de onderzoekers in opdracht van de provincie Groningen en het ministerie van LVVN. Daarbij richten zij zich op de volgende onderdelen: 

  • Doorgaan met monitoren, met toevoegingen om meer kwantitatief onderzoek te gaan doen. Daarmee kunnen we betere uitspraken doen over wat wel of niet helpt; 
  • Effecten meten van maatregelen, bijvoorbeeld aanpassingen in stallen. De resultaten van dit onderzoek zijn later ook op andere gebieden toepasbaar; 
  • Nieuwe meetmethoden ontwikkelen. Het Lieftinghsbroek is een uitstekende proeftuin door haar complexe samenstelling en de afgelopen jaren is al een mooie ‘gereedschapskist’ voor metingen gemaakt. Deze gaan de onderzoekers uitbreiden. Ze gaan bijvoorbeeld uitzoeken hoe ze kunnen meten hoeveel stikstof de natuur in het Liefstinghsbroek opneemt. Dat is ingewikkeld, omdat het een klein gebied met verschillende natuurtypes is. Dat vraagt om een passende methode. 

Satellietfoto met het Natura 2000-gebied Liefstinghsbroek en het meetgebied voor stikstof daaromheen

Planning 

De nieuwe metingen starten in dit jaar, 2026. Het project loopt door tot eind 2027. 

Achtergrond 

Een groot deel van onze lucht bestaat uit stikstof. Dit is niet schadelijk. Maar er zijn chemische verbindingen van stikstof in de lucht die in grote hoeveelheden wél schadelijk zijn voor mens en milieu. Twee daarvan meten we in deze pilot: stikstofdioxide (NO2) en ammoniak (NH3). Stikstofdioxiden komen in de lucht door uitlaatgassen van verkeer en uitstoot van industrie. Mensen met astma en longklachten krijgen last van te veel stikstofdioxide in de lucht. 

Ammoniak komt voornamelijk vrij uit mest. Door ammoniak krijgt de bodem meer voedingsstoffen. Voor natuurgebieden is dit een probleem, omdat zeldzame planten die groeien op voedselarme grond hierdoor verdwijnen. Net als de dieren die leven van deze zeldzame planten. De biodiversiteit, het aantal verschillende soorten planten en dieren, neemt dan af. 

Diverse meetapparatuur voor stikstof: sensoren op een lantaarnpaal, een monsterbuisje en een meetkast